Inleiding

De klinische presentatie van anemie hangt af van de ernst, de onderliggende oorzaak, de aanwezigheid van co-morbiditeit en de snelheid van ontstaan. Vaak is anemie (die langzaam is ontstaan) bij ouderen geassocieerd met niet-specifieke symptomen als moeheid, functieverlies, futloosheid en wordt pas ontdekt na laboratoriumonderzoek. Als anemie acuut ontstaat, staan andere klachten op de voorgrond, zoals: houdingsafhankelijke hypotensie, dyspneu en pijn op de borst. Veelal wordt een anemie ‘bij toeval’ ontdekt bij laboratoriumonderzoek. Deze handreiking is gebaseerd op de NHG-Standaard Anemie1 welke is herzien in oktober 2014. De belangrijkste wijziging is dat bij de aanvullende diagnostiek de morfologische indeling in micro-, normo- en macrocytaire anemie vervangen is door een pathofysiologische indeling op basis van een verminderde of gestoorde aanmaak of verhoogde afbraak. Daar waar de NHG Standaard Anemie onvoldoende in gaat op de complexe problematiek bij ouderen met multimorbiditeit, zal deze handreiking Anemie aanwijzingen geven.

Definitie

Voor leeftijd en geslacht te laag hemoglobinegehalte (Hb) (referentiewaarden: regionaal lab).

‘Dé laboratoriumdefinitie voor anemie bij ouderen bestaat niet. In een Zweeds onderzoek werd aangetoond dat de hemoglobinegrenswaarde significant daalt vanaf 80 jaar. Er mag niet zonder meer vanuit gegaan worden dat dit fysiologisch is. In meerdere onderzoeken is aangetoond dat bij de oudere populatie het risico op sterfte, functionele beperkingen, valrisico en morbiditeit toeneemt met lagere hemoglobinewaarden.’2

Een andere onderzoeksgroep heeft als hypothese dat anemie der chronisch zieken een ‘heilzame’ reactie en een aanpassing is op een onderliggende ziekte. Het zou zelfs gunstig zijn voor patiënten met een ontsteking.3
De cruciale vraag blijft vanaf welke hemoglobinewaarde een onderzoek naar de onderliggende oorzaak gestart dient te worden. Hierop is geen eenduidig antwoord te geven. De NHG-Standaard Anemie adviseert om bij de beoordeling of het hemoglobine te laag is, uit te gaan van de referentiewaarden die het regionale laboratorium hanteert.