Vervolgdiagnostiek

Vervolgdiagnostiek

Bij 36% van de 65-plussers met een anemie wordt deze veroorzaakt door ijzergebrek. Voor het vaststellen van een ijzergebreksanemie is een ferritinebepaling het betrouwbaarst. Echter, naast dragereiwit van ijzer is ferritine ook een acutefase-eiwit. Bij een acutefaserespons is ferritine alleen dan ook niet betrouwbaar genoeg. Door een verlaagd ferritine te combineren met het MCV kan een ijzergebreksanemie onderscheiden worden van een anemie bij chronische ziekte. Bij de oudere patiënt met ijzergebreksanemie rijst de vraag of de specialist ouderengeneeskunde verder onderzoek moet doen naar de oorzaak van het ijzergebrek. Dit onderzoek is in eerste instantie gericht op het uitsluiten van een maligniteit van het maagdarmkanaal. Hiervoor dient dan beeldvormend onderzoek verricht te worden. Hoe dit diagnostische traject er precies uitziet is niet geheel eenduidig, maar in het algemeen zal een coloscopie en vaak ook een gastroscopie worden uitgevoerd. Of dit past in het beleid van de individuele patiënt dient per geval te worden afgewogen. Los van de afwegingen ten aanzien van de belasting van dit diagnostische traject is daarbij de vraag aan de orde wat de consequenties zijn van het eventueel vinden van bijvoorbeeld een maligniteit. Om deze afweging nader te onderbouwen kan onderstaande informatie ondersteunend zijn.
In geval van een ijzergebreksanemie zonder symptomen wordt bij aanvullend endoscopisch onderzoek bij 85% van de patiënten een verklaring voor het ijzergebrek gevonden; bij een minderheid is sprake van maag- (3%) of darmmaligniteit (8,5%). Andere oorzaken van symptoomlozeferriprieve anemie zijn onder andere: atrofische gastritis, Helicobacterpylori gastritis, ulcus pepticum en benigne afwijkingen in het colon.5 Bij symptomatische patiënten van hoge leeftijd is de prevalentie van vormen van colorectale maligniteiten hoog, zowel bij patiënten met als patiënten zonder anemie en onafhankelijk van de ijzerstatus. Wanneer geen verklaring voor de anemie wordt gevonden bij endoscopisch onderzoek, wordt over het algemeen ijzersuppletie gegeven en een expectatief beleid gevoerd.6