Behandeling van Parkinson in de gevorderde fase

Overige parkinsonmedicamenten zijn minder effectief dan levodopa en hebben een smallere therapeutische marge. Daarom vormen deze middelen geen geschikt alternatief voor levodopa voor de behandeling van motorische verschijnselen, hoewel combinatie therapie op indicatie tot de mogelijkheden blijft behoren. Indien nodig kan de werkingsduur van levodopa verlengd worden door toevoeging van een COMT-remmer. Deze dient dan tegelijk met levodopa ingenomen te worden. Mede gezien het bijwerkingenprofiel dienen dopamine-agonisten, MAO-B-remmers en amantadine niet gestart te worden. Bij patiënten die (mede) met één van deze overige middelen motorisch goed zijn ingesteld en geen bijwerkingen hebben kunnen deze middelen in principe voortgezet worden.

Generieke naam Merkna(a)m(en) Bijwerkingen / bijzonderheden
Dopamine-agonisten Bromocriptine
Pergolide
Pramipexol
Ropinirol
Rotiogine (transdermaal)
Apomorfine s.c.
Het effect is in de gevorderde fase minder sterk dan dat van levodopa. Dopamine-agonisten geven meer bijwerkingen: orthostase, oedeem, slaperigheid en visuele hallucinaties.
MAO-B-remmers Selegiline
Rasagiline
Zwak effect op de motorische symptomen. Ze kunnen bij oudere patiënten en vooral degenen met cognitieve stoornissen aanleiding geven tot hallucinaties en verwardheid. Dit kan gepaard gaan met slapeloosheid op basis van amfetamine-achtig effect (bij slaperigheid overdag kan van dit laatste effect gebruik worden gemaakt).
COMT-remmers Entacapon
Tolcapon
Effectief bij de behandeling van wearing off
Amantadine Amantadine Slechts een gering effect op de motorische parkinsonverschijnselen (zeker in het gevorderde stadium) en is voor deze indicatie bij verpleeghuispatiënten niet geschikt. Schrijf dit niet voor bij oudere patiënten en zeker niet bij patiënten met cognitieve stoornissen in verband met een sterk verhoogd risico op ontstaan van hallucinaties. Heeft wel een beperkte plaats bij de behandeling van peak-dose dyskinesieën.